Inventaris van de oude archieven van de gemeente Hardenberg, 1362-1811

De archieven

Van het archief van Stad Hardenberg is weinig over, ongeveer 3 strekkende meter. Slechts voor een klein gedeelte is daaraan de brand van 1709 schuld. Immers ook na die tijd vindt men slechts schamele resten. Pas in 1832 beginnen de notulen van de Raad en in 1844 de uitgaande brieven. Blijkbaar heeft men in de 19e of 20ste eeuw flink opruiming gehouden. Nog in 1848 waren volgens een oude inventaris een tafel en twee kasten met oude papieren aanwezig en ook in 1860 waren er nog talrijke stukken ten Raadhuize, welke nu verdwenen zijn. Het archief der gemeente Hardenberg van 1811 tot 1818 werd in het gemeentehuis van Ambt Hardenberg bewaard, en is zo voor de ondergang behoed. Het archief der laatstgenoemde gemeente (na 1818) is over het algemeen compleet. Er bestaat een getypte inventaris van, over de jaren 1818-1936, van de hand van de heer H.U. Bouwman (18 December 1936). Voor het oud-archief is de 24ste Juni 1818, de dag van de splitsing der gemeente, als eindpunt genomen.

I. Archief van het bestuur der stad Hardenberg, 1362-1811

De stad Hardenberg

De stad Hardenberg is ontstaan bij een kasteel dat bisschop Willebrand van Oldenburg omstreeks 1227 had opgericht als bolwerk tegen de naburige Drenten. Daar vestigden zich langzamerhand de bewoners van het nabijgelegen Nijenstede dat reeds, niet nader bekende, stadsrechten bezat. 18 september 1362 verlegde bisschop Jan van Arkel ook het stadsrecht naar de nieuwe nederzetting, die hij enige jaren tevoren had laten ommuren. Bovendien gaf hij aan de inwoners dezelfde rechten als de Zwollenaren bezaten. Ook de kerspelkerk van Nijenstede, die reeds in 1240 vermeld wordt, werd te Hardenberg gevestigd.
Tot deze kerk behoorden in latere tijd elf buurschappen van het schoutambt Hardenberg, dat bovendien nog parochiekerken bezat te Heemse en Gramsbergen. De nieuw gevormde stad lag in de marke van (Hardenberg en) Baalder en bezat, althans in 1781, 21 1/4 van de 36 1/4 waren. Van de twee markerichters werd er een gekozen door de erfgenamen van Baalder, de andere was een der burgemeesters van de stad. Bovendien had de stad het groenland "de mars" in gemeenschappelijk bezit met Heemse en Collendoorn.

  St. Stephanuskerk te Hardenberg 1725

De regering bestond uit 8 burgemeesters, te verdelen in 4 schepenen of tijdelijke burgemeesters en 4 raden of oud-burgemeesters, en 12 gemeenslieden. Voor het schrijfwerk zorgde een secretaris. Elk jaar vergaderde de burgerij op 22 februari, verdeeld in Voorstraat en Achterstraat, in de kerk. Beide groepen kozen uit elkaar twee burgers tot keurnoten. Deze vier keurnoten kozen vervolgens vier schepenen, maar niet uit hun midden, noch uit de schepenen van het afgelopen jaar. De afgaande schepenen dienden een jaar lang als raden en waren daarna weer als schepenen verkiesbaar. De schepenen behandelden rechtszaken en bestuurden de stadsgoederen.
Alle andere zaken werden afgedaan door schepenen en raden tezamen, soms met de meente. De leden der gezworen gemeente hadden voor hun leven zitting. Vacatures werden door raad en meente vervuld op een der twee jaarvergaderingen (24 Juni en 27 December), waar ook andere zaken besproken werden. Tot het afhoren der stadsrekeningen werden behalve de gemeensleiden ook de keurnoten opgeroepen.
Sinds 1675 (behalve in het stadhouderloze tijdperk van 1702-1747) moest de keuze der schepenen namens den stadhouder goedgekeurd worden door de Gedeputeerde Staten. De revolutie van 1795 bracht het oude regeringssysteem ten val. Na veel geharrewar * kwam er een municipaliteit van acht en een comité van toezicht van vier leden tot stand, rechtstreeks gekozen door de burgerij. In het begin van 1798 * blijkt deze bestuursinrichting nog te bestaan. Later treffen we weer burgemeesters aan. Een uitvoerig concept-reglement wordt in 1803 opgesteld en is waarschijnlijk ook in werking getreden. De regering zal dan bestaan uit 5 burgemeesters en 5 gecommitteerden uit de gemeente. Uit elk college zullen jaarlijks 2 leden aftreden maar ze zijn herkiesbaar. De nieuwe bestuurders zullen worden gekozen door 5 kiezers uit een door de burgerij te vormen nominatie van vier personen voor ieder college. Het verschil met de toestand van vóór 1795 is niet zo heel groot.

A. Stukken van algemene aard

1-5 Registers van resoluties van de magistraat, 1720-1794
1. 1720 november 24 - 1782 juli 29
N.B. Achtern een inhoudsopgave en enige historische aantekeningen van de secretaris W.H.Krull. Vóór 1777 september zijn slechts enkele resoluties opgenomen
2. 1782 augustus 5 - 1784 juni 22
N.B. Met inhoudsopgave
3. 1784 juli 12 - 1786 juli 29
4. 1786 augustus 12 - 1791 december 30
5. 1792 januari 4 - 1794 maart 18
5 delen
6 Register van resoluties, keuren, rechten enz. uit de jaren 1362, 1544-1780; aangelegd 1782
N.B. Schepenen en raden droegen 28 maart 1782 de secretaris J. van Riemsdijk op alle resoluties, die nog niet geregistreerd waren, voor zover nog te vinden, te kopiëren en aldus een register te vormen dat zou dienen voor het 1e deel van het resolutieboek. Het begrip resolutie is zeer ruim genomen. Achterin inhoudsopgave. Zie ook reg. nr. 1
1 deel
7 "Boek van Privielegiën, octroyen, handvesten en gerechtigheden mitsgaders van andere zaken en handelingen der stad Hardenbergh", 1782
N.B. Op dezelfde wijze ontstaan als inv. nr. 6 (zie aldaar)
Bevat afschriften van allerlei akten en extracten van 1362 af ook uit andere steden, afgeschreven om diverse rechten te bewijzen
Zie ook inv.nr. 106 en regestnrs 1, 10 en 17
Het hierin voorkomende stadsrecht (stadswillekeuren) is uitgegeven door de Vereeniging tot beoefening van Overijsselsch Regt en Geschiedenis; Overijsselsch Stad-, dijk- en markeregten, 1e deel 16e stuk. Zie inv. nr. 123.
1 deel
8 Ingekomen gedrukte publicaties, 1794-1796, 1800, 1803, 1806-1809 1 pak
9 Ingekomen stukken 1811 jan. 1 - april 9 1 pak

B. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen

1. Privileges, rechten en geschillen

10 Akte waarbij bisschop Johan van Utrecht het stadrecht van Nienstede verlegt naar Hardenberg en de nieuwe stad dezelfde rechten verleent als Zwolle bezit, 1362; met 16e eeuws afschrift
N.B. Het zegel verdwenen. Zie ook inventarisnummer 105 en regestnummer 1
1 charter
en 1 stuk
11 Akte waarbij Johan van Greethuysen, proost te Zwartewater, en Arnoldus Johannis, pastoor te Hardenberg, monachus professus te Zwartewater, een officium stichten in de kerk te Hardenberg op St. Steffens- en St. Anthonisaltaar, 1511
N.B. De zegels van proost, pastoor en Stad Hardenberg verdwenen. Zie regestnummer 8
1 charter
12 "Request deductoir voor burgermeesteren, schepenen en raaden der stad Hardenbergh aan de E.M.H. Ridderschap en Steden, de Staaten van Overijssel ter zaake van de jagt, overgegeven op het tweede reces van den ordinaris landdag, gehouden binnen Campen in de maand October 1781". Gedrukt te Zwolle 1782
N.B. Zie regestnummer 1, 20
1 deeltje
13 "Nader adstructoir request voor burgermeesteren, schepenen en raaden der stad Hardenbergh, aan de E.M.H. Ridderschap en Steden, de Staaten van Overijssel, ter zaake van de jagt, overgegeven op het tweede reces van den ordinaris landdag gehouden binnen Zwolle in de maand October 1782". Gedrukt te Zwolle, 1782
N.B. Zie regestnummers 14, 32
1 deeltje
14 Copie van de remonstrantie, 17 october 1785 door het stadsbestuur ingediend bij Ridderschap en Steden, om de stad te herstellen in het gebruik van al haar rechten; met bijbehorende stukken. 1785
N.B. Zie ook inventarisnummer 121 en regestnummer 17
1 pak
15 Verklaring door Bruyn Blanckvordt, richter te Hardenberg, afgelegd betreffende de rechtspraak in stad en kerspel Hardenberg. 1539
N.B. Het opgedrukte zegel zo goed als verdwenen. Zie regestnummer 10
1 stuk
16 Getuigenverklaring, ter instantie van B. S. en R. van Hardenberg afgelegd ten overstaan van Bruyn Blanckvordt, richter te Hardenberg, betreffende de visserij, 1546
N.B. Het opgedrukte zegel van de richter verdwenen. Zie regestnummer 14
1 stuk
17 Getuigenverklaringen, afgelegd voor Gordt Poeck, richter te Nyenhuis (Neuenhaus) en Goeszen ter Avest, richter te Emninchem (Emlichheim), betreffende het gebruik van de mars bij Hardenberg, 1546
N.B. Met zegels der richters. Zie regestnummers 12, 13
2 charters
18 Uitspraak van Ridderschap en Steden in zaken het proces tussen de ingezetenen van Heemse en Collendoorn ter ene en de schepenen, burgers en ingezetenen van Hardenberg ter andere zijde over de mars, ongezegeld. 1563
N.B. Zie regestnummer 23
1 charter
ongezegeld
19 Extract uit het judiciaal of gerichtsboek van het kerspel Hardenberg uit het jaar (15)41 betreffende het geschil tussen de inwoners van de stad Hardenberg en die van Heemse en Collendoorn over de mars van Hardenberg. (c. 1670)
N.B. De dateringen zijn uit de namen op te maken
1 stuk
20 Lijst van stukken door het stadsbestuur afgezonden aan dr. J. van Riemsdijk betreffende het recht van weiden op de mars, 1806 1 stuk
21 Getuigenverklaring ter instantie van B. S. en R. van Hardenberg, afgelegd ten overstaan van Robert van Ittersum, richter te Hardenberg, betreffende de marken te Hardenberg en Brucht. 1500. Afschrift van de notaris Wolterus de Voerst
N.B. Zie ook regestnummer 7
1 stuk
22 Getuigenverklaring door enige ingezetenen van Radwijk en Wijlen afgelegd voor Bruyn Blanckvordt, richter te Hardenberg, betreffende de Hardenberger marke. 1548
N.B. Met opgedrukt zegel van de richter. Zie regestnummer 15
1 stuk
23 Getuigenis van enige personen ten verzoeke van de stad Hardenberg betreffende de marken van Hardenberg en Baalder en Brucht, z.j. (eind 17e eeuw) 1 stuk
24 Extracten houdende getuigenissen afgelegd in juni 1598 voor de rechter en voor de burgemeesters van Hardenberg betreffende het schutten van Hardenberger koeien en paarden te Baalder. Waarschijnlijk gelijktijdig
N.B. Zie regestnummers 33-37
2 stukken
25 Uitspraak van de drost van Salland in zake het proces tussen enige gewaarden in de Hardenberger en Baaldermarke ter ene en burgemeesters van Hardenberg en verdere erfgenamen en gewaarden ter andere zijde over de verkoping van een toeslag met een driftwaar. 1690. Gelijktijdig afschrift 1 stuk
26 Brief van Steeven Blanckvordt aan de burgemeesters der stad betreffende het feit, dat zij hem hebben aangeklaagd voor de landdrost van Salland over een kwestie inzake de marke van Heemse en Collendoorn. 1614 1 stuk
27 Stukken betreffende geschillen tussen de stad en burgerij van Hardenberg ter ene en de familie Blanckvordt ter andere zijde over het recht van schutting en visserij te Boesemeer en in het Lhee- en Meerwater, 1611, 1615, 1648, 1679 en z.j.
N.B. Op het stuk van 1611 het opgedrukte zegel van de stad
7 stukken
28 Rekest van de burgemeesters van Hardenberg aan de Gedeputeerde Staten inzake het geschil tussen de stad Hardenberg en de erfgenamen van Heemse en Collendoorn over de Ulenbelt of Molenberg. 1626; met appointement 1 stuk
29 Stukken betreffende het schutten van vee van meiers te Balderhaar in het graafschap Bentheim door ingezetenen van Hardenberg, 1693, 1694 2 stukken
30 Minnelijke schikking door de burgemeesters der stad getroffen inzake het geschil tussen J. Kampferbeek als veldschutter en C. Veenebrugge over het schutten van schapen in 't Broek. 1804 1 stuk
31 Extract uit het protocol van het hooggericht Almelo betreffende het geschil tussen de burgemeesters van Hardenberg en enige meiers te Balderhaar over een limietscheiding. 1718 1 stuk
32 Stukken betreffende het geschil tussen de burgemeesters van Hardenberg en Berend Jansen wonende in het graafschap Bentheim betreffende de betaling van hoorn- en paardengeld en andere schattingen voor volgens de stad aan hem verhuurde weiden. 1721 1 omslag
33 Rekest van de goedsheren van de boerschap Baalder aan de landdrost van Salland betreffende een "geschil met de burgemeesters van Hardenberg ter zake van een gewelddadige spolie", 1725. Afschrift 1 stuk
34 Akte waarbij het bestuur van Hardenberg Gerrit Sierink, Berend van Borne en Wessel Alberts committeert om op te treden in de zaak van de burgemeesters tegen Harmen Goorhuis c.s. over het weigeren om getuigenis te geven in de procedure tegen de erfgenamen van Baalder, 1730 1 stuk
35 Getuigenverklaring ter instantie van B. S. en R. van Hardenberg afgelegd ten overstaan van Bernhardt van Heerdt als gecommitteerde van de landdrost over enige ingezetenen van Brucht. 1616. Afschrift 1 stuk
36 Getuigenverklaring van kosten in de zaak tussen de burgemeesters van Hardenberg en de erfgenamen van Brucht ter ene en de buren van Itterbeek en de richter van Ulsen ter andere zijde over het graven van turf en andere kwesties, 1639 1 stuk
37 Akte waarbij de magistraat aan de schout van Hardenberg vergunning verleent om turf te graven in het twistveen. 1640; minuut
N.B. In dorso: Acte van den schultentorff
1 stuk
38 Akte van overeenkomst voor Bruyn Blanckvordt richter ter Hardenberg tussen zegslieden van de stad Hardenberg en Hermen Janss van Bergenthem en Lutgert e.l. over een op een volgens de Hardenbergers onbehoorlijke plaats gebouwde woning. 1545
N.B. Met rest van het zegel van de richter. Dat van Hermen Janss verdwenen. Zie regestnummer 11
1 charter

2. Stedelijke bestuursinrichting

39 Akte van goedkeuring door de Gedeputeerde Staten van de verkiezing van burgemeesters en gemeenslieden. 1694 1 stuk
40 Rekest van de burgemeesters aan de verwalter-drost van Salland betreffende de aflezing van de keur van nieuwe burgemeesters door de keurnoten, 1697; met appointement 1 stuk
41 Extract uit het resolutieboek van Ridderschap en Steden dd. 1740 April 5 houdende voorziening in het burgemeesterschap van Hardenberg. In duplo 2 stukken

3. Onroerende goederen

42-46 Stukken betreffende het erve Coldehof te Baalder, 1454, 1459, 1460/61, 1465, 1561
42. Akte waarbij Robert van der Beeck, rentmeester-generaal van Salland, in tegenwoordigheid van Egbert Hermens en Herman Vedelinck, vrijlieden van de hof van Ommen, Willem Jansz. Smidt op verzoek van burgemeesters van Hardenberg als hulder beleent met het erf Coldehof, 1561
N.B. Met beschadigd zegel van de rentmeester. Zie regestnummer 21
43. Akte van transport t.o.v. Evert van Wytman, rentmeester in Salland en vrijlieden van de hof te Ommen, door Goestwe, weduwe van Albert Smedes aan Jacob Lubberts, van het half vrije erf die Coldehoff, 1454
N.B. Het zegel van de rentmeester verdwenen. Zie regestnummer 2
44. Akte van transport t.o.v. Henrick van Essen, ridder, en Evert van Wytman, rentmeesters in Salland, en vrijlieden van de hof te Ommen, door Aelt Jacobs en Trude e.l. aan Ernst Lefferts van Bergentheim, van het zesde deel van die Coldehoff, 1459
N.B. Met beschadigd zegel van van Essen. Dat van van Wytman verdwenen. Zie regestnummer 3
45. Akte van transport t.o.v. Henrick van Essen, ridder, en Evert van Wytman, rentmeesters in Salland, en vrijlieden van de hof te Ommen, door Ghese Jacop Lubberts dochter met Lubbert Egberts haar man aan Henrick Hemeking van het twaalfde deel van die Coldehoff, 1460; gevolgd door akte van transport t.o.v. dezelfden door Hemeking aan Arent den Yegher van dit twaalfde deel, 1461
N.B. Met zegels van de rentmeesters. Zie regestnummer 4, 5
46. Akte waarbij Arnt Jagher verklaart dit twaalfde deel over te dragen aan Ernst Lefferts van Berghenthem, 1465
N.B. Het zegel van Jagher verdwenen. Zie regestnummer 6
5 charters
47 Stukken betreffende erf Vierlink te Baalder in het kerspel Hardenberg, 1669, 1725, 1751, 1769, 1778
47a Akte van belening door Johan Rutger van den Camp tho den Clooster, leenheer, van Engbert Hendricksesn, hulder, burgemeester uit naam van Hardenberg, met het leenhorige erf en goed Veerlinck in de buurschap Badelaer, t.o.v. de mannen van leen jonker Ditmar Grevinck en burgemeester Bernerdus Omas, 1669; te Coevorden
N.B. Met zegel van van den Camp
47b Akte van belening door Antoni Camerlingh wegens Elbert Anton Geerhard baron van Hekeren, heer tot Batingen etc., stadhouder der horige lenen onder de huizen Batingen en ten Clooster, van Frerik d'Olde, burgemeester uit naam van Hardenberg met het erfgoed Vierlink in de buurschap Badeler, t.o.v. mannen van leen de ette Jan Huijsingh van Waghtum en Willem ter Theije, 1725; te Hoogeveen
N.B. Met zegel van Camerlingh
47c Akte van belening door Adolf Jacob Hendrick baron van Heeckeren, heer tot Netelhorst als leenheer over de huizen Batingen en ten Clooster, van Berent Gerhard Cramer, secretaris van Hardenberg, met het erf en goed Vierlink in de buurschap Badelaar, t.o.v. de mannen van leen dr.J.L. Solner en burgemeester Wilhelm de Wolf, 1751; te Ommen
N.B. Met zegel van van Heeckeren
47d Akte van belening door Evert Christiaan Carel Willem baron van Heeckeren, heer van Nettelhorst en Batingen etc., van Warner Cremer, volmacht van Ber. Gerh. Cramer, secretaris van Hardenberg, met het erve Vierlink gelegen te Badeler, t.o.v. de mannen van leen J.Prins, scholtus van Dwingelo en G. Solner, 1767
N.B. Met zegel van van Heeckeren
47e Akte van belening door Evert Christiaan Carel Willem baron van Heeckeren, heer van Nettelhorst en Batingen etc., van Berent Campherbeecq als volmacht van Frederik Bussemaker, burgemeester van Hardenberg, met het erve en goed Vierlink in de buurschap Badeler, t.o.v. mr. J.L. Solner junior en Matthias Greve, 1778
N.B. Het zegel van van Heeckeren verdwenen
5 charters
48 Akte van transport t.o.v. schout en keurnoten van Hardenberg door de erfgenamen van Rabo Harmen Scheele tot de Veenbrugge en Welborch, drost van IJsselmuiden, aan burgemeesters en gemeente van Hardenberg van de windmolen te Heemse met al zijn toebehoren, waaronder de visserij, waarvan de verkoop al in 1664 had plaatsgevonden, 1667; met retroacta, 1598, 1613
N.B. Met min of meer beschadigde zegels van Hermannus Holt, schout te Hardenberg en Joest van Welevelt, keurnoot (1667) en van Oldenbokum van Asscheberg en Johan van Welvelde (1613), het stadszegel (1598) verdwenen. Zie regestnummer 32
4 charters

4. Financiële administratie

49 "Reekenboek vor 't stedeken Hardenbergh", register van inkomsten en uitgaven, 1633- 1688
N.B. Bevat hier en daar ook akten van verpachting en andere akten van financiële aard
1 deel
50 Rekeningen van inkomsten en uitgaven door de burgemeester A Sierink. Met bijlagen, 1791-1796
N.B. De rekeningen lopen van Petri 1791-Petri 1793 en van Petri 1793-1796 april 18
1 lias
51 Rekeningen van inkomsten en uitgaven der stad, 1797/1798-1803/1804, 1808/1809
N.B. De rekeningen lopen van 10-12 februari tot de overeenkomstige datum van het volgende jaar en worden dan afgehoord. In 1803, 1804, 1808, 1809 evenwel zijn die data 14, 14, 15 en 25 maart
1 omslag
52 "Schultboeck van 's lants resterende schattinge van het stedeken Hardenbergh". Register van personen die herenschatting en andere belastingen schuldig zijn , met aantekeningen betreffende de afbetaling, 1713-1726 1 deel
53 "Pachtboek van de stad, daer de pagt van Baelder in staet en ander paghten en (onleesbaar)", register van pachtakten met aantekeningen betreffende de betaling, 1730-1800 1 deel
54 Kwitanties voor pacht- en belastinggelden, 1646-1650, 1654, 1657, 1658 1 omslag
55 Kwitantie van f 225.- afgegeven door Pieter van der Horst, molensteenkoper te Amsterdam, aan de burgemeesters. 1697 1 stuk
56 Kwitanties betreffende de marke van Hardenberg en Baalder, 1804, 1905, 1810 3 stukken

5. Roerende goederen

57 Rentebrief groot 4 mud rogge's jaar gaande uit de stadsmolen voor Gijsele Geertsdochter of Helkings ten laste van de stad; met transfix houdende omzetting van deze losrente in een geldrente ten behoeve van Andreas Roloffs, 1518 en 1552; beide gecancelleerd
N.B. Met beschadigde zegels van de stad. Zie regestnummers 9, 18
2 charters
58 Akte, waarbij burgemeesters, schepenen en raad van Deventer verklaren, dat de stad Hardenberg hun afgelost heeft een jaarrente van vijf goudgulden, welke eertijds aan de stad Deventer was toegewezen ten behoeve van de St. Lebuinuskerk, 1553
N.B. Het zegel Deventer verdwenen. Zie regestnummer 19
1 charter
59 Akte van schuldbekentenis groot 885 Jochemdalers, voor Hendrik van Velthuysen en laste van de stad wegens het in 1567 aangekocht dubbel gewaard erf ten Grotenhuis in de buurtschap Baalder, 1569; aantekeningen van betaling, 1569, 1570
N.B. Het stadszegel verdwenen. Zie regestnummer 24
1 charter
60 Akte van schuldbekentenis, groot 100 g.g., tegen 5% 's jaars voor Derk Mersing en Lubbe e.l. ten laste van de stad, 1574
N.B. In dorso: aantekening betreffende een gedeeltelijke afbetaling in 1603. Met beschadigd zegel van de stad. Zie regestnummer 27
1 charter
61 Akte van schuldbekentenis, groot 100 daalders, voor Herman Egberts en Aleid e.l. ten laste van de stad. 1580
N.B. Aflossing onbekend. Met zegel van de stad. Zie regestnummer 28
1 charter
62 Akte van schuldbekentenis groot 1000 keizersgulden à 4%, voor burgemeester Harmen van Borne ten laste van de stad, welke som is gebruikt voor de afbetaling van de molen staande op de Uilenbelt bij Hardenberg. 1665; in dorso aantekeningen betreffende betaling van rente en afbetaling tot 1680
N.B. Met beschadigd zegel van de stad
1 charter
63 Extract uit het protocol der stad Hardenberg dd. 1705 juli 8, houdende overdracht van een obligatie, groot 60 car. gl. ten laste van de stad, door Ber. Kramer, secretaris der stad, aan Ger. Meetsma, met verklaring van aflossing, 1721 1 stuk
64 Akte van schuldbekentenis groot 100 goudgulden tegen 5 1/2% 's jaars voor Johan Stubmans en Geesken e.l. ten laste van Wilhelm Holterman en Griethe e.l. 1572; aangekocht door de burgemeesters in 1619. Met aantekening van 1583
N.B. Met beschadigd zegel van de stad. Zie regestnummer 26
1 charter
65 Rentebrief, groot zeven car. gl. 's jaars, gaande uit een half huis met toebehoren te Baalder voor de stad ten laste van Berent Hendriks en Gezien Alberts e.l. 1683
N.B. Zie inventarisnummer 66. Met beschadigde zegels van Thomas Huete, schout te Hardenberg
1 charter
66 Rentebrief groot vijf car. gl. 's jaars gaande uit een half huis met tuin te Baalder voor Arent Gerrits en Geertien Derks e.l. ten late van Berent Hendriks en Gesien Alberts e.l. 1683, in 1713 overgegaan aan de stad. Gecancelleerd
N.B. Zie inventarisnummer 65. Met beschadigde zegels van Thomas Huete, schout te Hardenberg
1 charter

6. Diversen

67 Aantekening van een liquidatie tussen de burgemeesters van Hardenberg en Tonnis Tonissen, pander van Salland, betreffende de onkosten over de jaren 1646-49 voor het herstel van de Vechtbrug en de dijk van Hardenberg tot Heemse. 1649 1 stuk
68 Proces-verbaal van het afhoren van de tolrekening 1718-1720 van Abraham Jansen door de burgemeesters van Hardenberg, 1720; met de rekening 1717/18 als bijlage 2 stukken
69 Akte, waarbij H.W. van Welberge en H. Hesselink aan de burgemeesters van Hardenberg voor de toestemming tot het houden van een loterij een deel der opbrengst garanderen. 1725 1 stuk
70 Rekest van de burgemeesters aan de Gedeputeerde Staten betreffende het aanstellen van een ontvanger van 's lands middelen. 1740; met appointement. Afschrift 1 stuk
71 Staat van gelden welke de stad toekomen, 1802 1 stuk
72 Legger der vaste goederen, staande en gelegen in de stad en jurisdictie van Hardenberg, opgemaakt volgens publicatie van het Departementaal bestuur dd. 1806 december 16 voor de heffing van het middel op het klein zegel, door de stadssecretaris A. van Riemsdijk 1807 en voortgezet tot 1811 1 deel
73 Register van aanneming van nachtwakers, schepers, varkenshoeders en boden, verder van verpachting van stadslanderijen en aflossing van renten, 1553-1577 1 katern
74 Brief van burgemeesters, schepenen en raad der stad Deventer aan die van Hardenberg houdende uitnodiging afgevaardigden te zenden naar Zwolle tegen 27 februari om het verslag der Gedeputeerden der drie steden betreffende de Hanzedag te Wezel aan te horen, (15)54 1 stuk
75 Brief van Lambertus van den Dale, burggraaf te Coevorden, aan de burgemeesters van Hardenberg en schout en onderdanen te Gramsbergen betreffende het vervoeren van hout voor 's konings huis. 1583 1 stuk
76 Collecteboek en stukken betreffende de steunverlening voor slachtoffers van de brand, 1708, 1710
76a 1708, 1 deel
76b 1708, 1710, 2 stukken
1 deel
2 stukken
77 Rekest van burgemeesters en gemeenslieden van Hardenberg aan de verwalter landdrost van Salland tot het niet toelaten van den joodIsrael Emanuels, 1732; met appointment 1 stuk
78 Extract uit een classicale acte van 1748 betreffende het schoolwezen te Hardenberg 1 stuk
79 Extract uit het register van resoluties van Gedeputeerde Staten betreffende het aanschaffen van maten. 1772 1 stuk
80 Extract uit de resoluties van de heren gecommitteerde tot de "zaeken van het verbrande steedjen Gramsbergen", dd. 1778 maart 16, betreffende het inzenden der gecollecteerde gelden 1 stuk
80a Rekest van de wed. Baerselman aan Ridderschap en Steden over het onrechtmatig verleggen van het posthuis door de brg. v. Hardenberg. Met beschikking en bijlagen. 1783
N.B. Zie ook inventarisnummer 111
4
geliasseerde
stukken
81 Attestatie afgegeven door Gottlob Heinrich Schumberg, gerichtsdirector te Neschwitz, ten behoeve van de tuinman Michael Christian Paulus, 1788 1 stuk
82 Rekest van Frederik de Ruiter aan de burgemeesters tot verlening van burgerrecht. (circa 1808) 1 stuk
83 Akte van transport t.o.v. J.G. Pruim, schout van Hardenberg en Fredrik Zweers en Albert Everts, keurnoten, door L. Hoenderken en H.E. van Riemsdijk e.l., H.H. ter Poorten en L. Voomberg e.l. en H.H. ter Poorten als volmacht van H. Groskamp, aan Antonij Santman van 6 spind tiendbaar land genaamd Bollenstukjen uit het erve Jentingen te Brucht, 1805; met afschrift van een verklaring van A.T. Santman van transport van stukjes land uit de erven Hannenk en Jentink, aan elkaar gelegen en genaamd Bolmansstuk, aan Gerrit Raben te Brucht, 1812
N.B. Met opgedrukte lakzegels van Pruim, Hoenderken en ter Poorten.
1 stuk

II. Archief van het bestuur van het kerspel (Schoutambt) Hardenberg, 1708-1810

Het kerspel Hardenberg

Door het bezit van het erve Vierlink te Baalder had de stad het recht vertegenwoordigd te zijn op de vergaderingen van de erfgenamen of goedsheren van het kerspel Hardenberg, Heemse en Gramsbergen, meestal kortweg Hardenberg genoemd. Dit kerspel, dat in omvang gelijk was aan het schoutambt Hardenberg, moet wel onderscheiden worden van het kerkelijke kerspel Hardenberg, dat slechts elf buurschappen omvatte. De overige buurschappen van het schoutambt behoorden onder de kerkelijke kerspelen Heemse en Grambergen. Op de vergaderingen van de erfgenamen van het kerspel (schoutambt), in de kerk te Heemse gehouden, worden dan ook geen kerkelijke zaken behandeld met uitzondering van het jaar 1709, toen gesproken werd over de vertimmering van de pastorie te Hardenberg en over andere kerkelijke zaken. De omslag daarvoor werd echter uitsluitend gelegd op de stad Hardenberg en de elf onder de kerk van Hardenberg behorende buurschappen. De belangrijkste taak is het afhoren van de rekeningen van de ontvanger (meestal de verwalter schout) van de verponding en andere, in redemptie genomen belastingen. Verder behoorde ook de regeling der inkwartiering, het aanstellen van armenjagers, het leggen van een brug enz. tot de competentie der erfgenamen. Twee hunner, meestal, misschien steeds, de heren van Heemse en Gramsbergen, vormden als gecommitteerden goedsheren een soort dagelijks bestuur. De stadjes Hardenberg en Gramsbergen deelden in de omslagen, maar hadden overigens hun eigen administratie. De functie van dit kerspel (schoutambt) eindigde in 1811 met de instelling der gemeente

84 Register van resoluties van de erfgenamen vanhet kerspel, 1708-1712, 1725, 1752-1810 1 deel
85 a-c Bij de schout ingekomen publicatie, 1796, 1797, 1800, 1803, 1806-1809
85a. 1796, 1797
85b. 1800, 1803
85c. 1806-1809
3 pakken

III. Archief van maire en gemeentebestuur van Hardenberg, 1811-1818

De gemeente Hardenberg

In 1811 worden Stad en Schoutambt (met uitzondering van Gramsbergen en de buurschappen Ane, Anevelde, Holtheme, Holthone, Loozen en Den Velde) verenigd tot één gemeente Hardenberg. Een maire, een adjunct-maire en 10 gemeenteraden vormen het bestuur. Maar reeds op 24 juni 1818 wordt, als uitvloeisel van de organisatie van de gemeentebesturen ten plattelande, de gemeente gesplitst in Stad - en Schoutambt Hardenberg, een scheiding welke in 1941 (door de bezetter) weer ongedaan is gemaakt.

N.B. Voor de Burgerlijke Stand zie Inventaris van het archief van Ambt Hardenberg van H.U. Bouwman, getypt, ter plaatse

86 Proces-verbaal van installatie door de onderprefect van het tweede arrondissement van het departement van de Monden van den IJssel, van de maire, adjunct-maire en de gemeenteraden der gemeente Hardenberg en van ontslag van het bestuur der stad Hardenberg en van de schout van het kerspel Hardenberg, 1811 april 13
N.B. Gehavend
1 stuk
87-97 Minuten van uitgaande brieven, van publicaties en van resoluties van de raad.1811 april 15-1818 juni 24
87. 1811
88. 1812, 1ste halfjaar
89. 1812, 2e halfjaar
90. 1813, 1ste halfjaar
91. 1813 2e halfjaar
N.B. Na 6 november geen stukken aanwezig. De stukken van 1813 hebben een doorlopende nummering tot 30 augustus (nr. 276)
92. 1814, 1ste halfjaar
93. 1814, 2e halfjaar
94. 1815
95. 1816
96. 1817
97. 1818
11 pakken
98-104 Ingekomen stukken 1811 maart 30-1812 december, 1814 januari-1818 juli 3
098. 1811
099. 1812
100. 1814
101. 1815
102. 1816
103. 1817
104. 1818
7 pakken

IV. Archief en collectie Jongsma

Dhr. K. Jongsma

De heer Klaas Jongsma werd geboren te Wijckel, gemeente Gaasterland, op 14 maart 1872. Zijn beroep was onderwijzer in Stad Hardenberg; daarnaast was hij amateur-historicus en -archeoloog, die zich vele jaren, ook na zijn pensionering, met de geschiedenis van Hardenberg en omstreken heeft beziggehouden. Zo was hij medeoprichter van het plaatselijk museum. Hij had enige archiefstukken in zijn bezit, die oorspronkelijk tot het stadsarchief behoord zullen hebben, maar mogelijk al vroeg in particuliere handen geraakt zijn. Hij althans had ze van diverse inwoners van Hardenberg gekregen, die zelf niet meer wisten hoe ze eraan gekomen waren. Daarnaast raadpleegde hij de archieven van Hardenberg en vele publicaties. Het resultaat van zijn onderzoekingen was een ordner met zo'n 430 pagina's historische en archeologische aantekeningen, verdeeld in 28 hoofdstukken (inv. nr. 125).
Na zijn overlijden te Hardenberg op 15 januari 1959 zijn de archivalia, de door hem verzamelde gedrukte werken en zijn eigen aantekeningen, overeenkomstig zijn wens aan de gemeente Hardenberg geschonken. Omvang ca 40 cm strekkend.

A. Stukken behorend tot het oud-archief van de stad Hardenberg

1. Privileges en rechten

105 Akte waarbij bisschop Johan van Utrecht het stadsrecht van Nienstede verlegt naar Hardenberg en de nieuwe stad dezelfde rechten verleent als Zwolle bezit, 1362; afschrift door secretaris J. van Riemsdijk, z.j. (c. 1782)
N.B. Zie ook inventarisnummer 10 en regestnummer 1
1 stuk
106 Stadsrecht en keuren van Hardenberg, 15e en 16e eeuw; afschrift door secretaris J. van Riemsdijk, z.j. (c. 1782)
N.B. Zie ook inventarisnummer 7
1 katern

2. Verkiezingen

107 Register van stemgerechtigden in de stad en het schoutambt Hardenberg, 1798- 1803 1 deel
108 Staat van tussen 1798 en 1800 in Hardenberg ingeschreven stemgerechtigden, met hun personalia en woonsituatie, opgemaakt 1799, bijgehouden tot 1800 1 katern
109 Publicatie van het intermediair administratief gemeentebestuur van Hardenberg ter oproeping van alle stemgerechtigden tot inschrijving in het stemregister, 1803 1 stuk
110 Stukken betreffende de verkiezing van ringkiezers voor de grondvergadering te Hardenberg, 1803, 1804 1 omslag

3. Handel, nijverheid en verkeer

111 Reglement voor de postwagensdienst Zwolle-Lingen v.v. via Hardenberg en Neuenhaus, 1752; afschrift, geschreven in een Amsterdamse almanak van 1738
N.B. Zie ook inventarisnummer 80a
1 deeltje
112 Brief van J.J. Slaterus (secretaris van Ootmarsum) aan J. van Riemsdijk, secretaris van Hardenberg, betreffende de gilden te Ootmarsum, 1778; met afschriften, z.j. (1778) van de gildebrieven van de schoenmakers te Ootmarsum, 1595, aangevuld 1639; van de snijders of kleermakers, vernieuwd 1655; van de kramers, 1639; van de linnen- en pellenwevers, 1636
N.B. Vermoedelijk heeft men in Hardenberg de oprichting van gilden overwogen; uit niets blijkt dat zij inderdaad bestaan hebben. Zie regestnummer 29
1 omslag

4. Roerende goederen

113 Akte van transport door Albert van Ittersum, drosst van Ampt-Lingen aan Lubbert Ulgher en Judith e.l. van een jaarrente van 4 goudgulden over de inkomsten van de stad Hardenberg, 1597; met aantekening an transport daarvan door Ulgher aan van Ittersum, 1601; met retroacta, 1571, 1597; alle gecancelleerd.
N.B. Met rest van het zegel van de drost en beschadigd stadszegel. Zie regestnummers 25, 30, 31
1 gewezen transfix
(3 charters)

5. Diversen

114 Akte van transport voor Bruyn Blanckvordt, richter te Hardenberg en keurnoten, door Derck van Wylsems en Johanna e.l. aan Johan van Uuterwijck van het recht van "narercoop" (nakoop) van het hooiland of de maat genaamd Wylsemesmaet, 1549
N.B. Met rest van het zegel van de richter. Zie regestnummer 16
1 charter
115 Akte waarbij Lubbert Blanckefoert als volmacht van Harman van den Campe, leenheer, Juffer Lutghert van den Gruithuys beleent met de grove en smalle tienden over enige erven en goederen te Hardenberg, 1562; notarieel afschrift, 1588
N.B. Zie regestnummer 22
1 stuk
116 Akte van transport voor Henrick Holt, scholtus te Hardenberg en keurnoten, door Luitjen Lubbers, Albert Henricksen en Jan Albers mede namens Jan Gerryts en zijn zusterWoltertjen Gerryts en Griete Wolters van de helft en door de erfgenamen van Henrick Lubbersen van de andere helft, aan Wilhelm Blanckvoort en Johanna Clants e.l. van een katerstede te Collendoorn, 1646
N.B. Met zegel van de scholtus. In dorso: Opdracht van Schepers Goerden toe Collendoren, no. 6
1 charter
117 Akte van transport voor burgemeesters, schepenen en raden van Hardenberg door Harmen Spijker en Aeltjen Tiggelhof e.l. aan Derk Santman en Aeltjen van Munster e.l. van 1 1/2 dagwerk hooland gelegen in de Coppele, 1766
N.B. Met beschadigde opgedrukte lakzegels van de stad en H. Spijker
1 stuk
118 Akte van transport voor burgemeesters van Hardenberg door Swaentjen Mueleman weduwe van Jan van Munster aan burgemeester Derk Santman en Aaltjen van Munster e.l. van een huis, grond en where in de Voorstraat met een hofje erachter, 1773
N.B. Met opgedrukt lakzegel van de stad
1 stuk
119 Extract uit het register van resoluties van Hardenberg betreffende het schoonmaken van de beek lopende van Radewijk door het Hardenberger- en Baalderveld voor het gedeelte binnen de stadsvrijheid, 1783 1 stuk
120 Kwitantie van de ontvanger-generaal der middelen te water en te lande in Zwolle voor de magistraat van de stad Hardenberg voor fl. 100,- opgehaald geld voor het door een ramp getroffen Leiden, 1807 1 stuk

B. Verzamelde gedrukte werken betreffende de geschiedenis van Hardenberg en omstreken

121 "Betoog aangaande de bezwaaren der kleine steden van Twente, ten aanzien van derzelver rechten en vrijheden, op verzoek van gecommitteerden ter vergadering van de voorzeide steden ingesteld" door mr. J.W. Racer: gedrukt te Campen 1785
N.B. Met opschrift: patet 1 mo. Het heeft mogelijk deel uitgemaakt van de stukken, door de stad Hardenberg ter verdediging van haar rechten gebruikt; zie daarvoor inventarisnummer 14
1 deel
122 "Verzameling van stukken rakende de regeeringsverandering en verkiezing in de stad Hardenbergh, gedaan in het eerste jaar der bataafsche vrijheid. 1795."; gedrukt te Deventer, 1795; met eigentijdse handgeschreven aantekeningen 1 deeltje
123 "Stadregt van Hardenberg en stadregt van Diepenheim", uitgave van de Vereeniging tot beoefening van Ov. Regt en Geschiedenis; 1e deel, 16e stuk; gedrukt te Deventer, 1925; met handgeschreven verklarende opmerkingen 1 deeltje
124 Artikelen betreffende de omgeving van Hardenberg en belangrijke families aldaar, 1930, 1932, 1937, 1938 1 omslag

C. Stukken, afkomstig van K. Jongsma zelf

125 Geschiedkundige beschrijving van Hardenberg en omstreken, (c.1940)-1953; getypt; met foto's, tekeningen, fotocopiën van archivalia en gedrukte stukken; losse bladen, gepagineerd 1 pak
126 Aantekeningen, vermoedelijk van Jongsma, betreffende voor Hardenberg belangrijke feiten, gebeurtenissen en personen, (c.1940); getypt 1 omslag
127 Kaartjes door Jongsma getekend, van Hardenberg en omgeving in de voorhistorische tijd en c.1560, de laatste naar Jacob van Deventer, 1940 en z.j. 2 stukken

V. Archivalia Dorgelo

Familie Dorgelo

Gerrit Dorgelo (1750-1815) was koster en schoolmeester te Heemse. Hij was een zoon van Johannes Dorgelo, schoolmeester te Ankum onder Dalfsen en van Martha Dijk. Gerrits zoon, Hermen Jan Dorgelo (1781-1859) volgde in 1816 zijn vader op als koster, schoolmeester en organist te Heemse. Ook diens zoon, Gerrit Jan Hermen Dorgelo (1822-1903), bekleedde aldaar vanaf 1846 het onderwijzerambt. De archivalia die zij hebben gevormd en die bewaard zijn gebleven, dragen het karakter van hun beroep, maar zijn duidelijk geen ambtelijke stukken. Door wie en wanneer deze stukken aan de gemeente Hardenberg zijn geschonken of in bewaring gegeven is niet te achterhalen. Ze berusten, evenals de andere in deze inventaris beschreven archieven, in de openbare archiefbewaarplaats van het gemeentehuis te Hardenberg. Omvang ca 20 cm strekkend.
128 Lijst van de verpachte goederen behorende aan de kerk van Heemse, 1759; met aantekening betreffende de opbrengst, vermoedelijk van Gerrit Dorgelo. 1 stuk
129 "Sijffer Boek 1 ste deel van Wm. Bartjens, Beschreven door Gerrit Dorgelo, 1768", register met uitgewerkte sommen en familie aantekeningen van Gerrit Dorgelo, zijn zoon Hermen Jan en zijn kleinzoon Gerrit Jan Hermen, 1772-1865 1 deel
130 Moraliserende spreuken in netschrift van G.Dorgelo en H.H.Warmelink, z.j. (18e eeuw) 2 stukkwn
131 Register van debiteuren en crediteuren, voornamelijk wegens achterstallig schoolgeld, van Hermen Jan Dorgelo, 1817-1842; voorin twee verklaringen van ingezetenen van Heemse dat de heer van Heemse toegestaan heeft een lijkstoet niet over hun roggeveld te laten gaan, 1776, 1794; aan de keerzijde uitgewerkte sommen 1 deel
132 Lijstjes van leerlingen uit de buurschappen Holthone, gem.Gramsbergen, en Rheeze, met vermelding van het nog verschuldigde schoolgeld, 1830 2 stukken

Regestenlijst van de akten tot 1600

1. 1362 september 18 (des Sonnendaghes na Sinte Lanbertsdach).
Johan, bisschop van Utrecht verlegt het stadsrecht van Niensteden naar Herdenberch, dat hetzelfde recht krijgt als Zwolle.
Oorspr. in inv. nr. 10. Het zegel verdwenen.
Afschriften, 16e en laat 18e eeuws, in inv. nrs. 6, 7, 10, 12 en 105.
Druk: Request deductoir Hardenberg (Zwolle, 1782), inv. nr. 12, p.15. Bijdragen tot de geschiedenis van Overijssel, IV, p.226.
Reg.: G.J. ter Kuile, Regesten van oorkonden van Overijssel 1351-1450, no. 236 (niet gedrukt; aanwezig Rijksarchief in Overijssel).

2. 1454 april 9 (des dinxdages nae den Sondach Judica).
Evert van Wytman, rentmr. van Salland oorkondt dat Goestwe, weduwe Albert Smedes t.o.v. vrijlieden van het hof van Ommen Willem Hesselssoen en Henric Gherberdynck, transporteert aan Jacob Lubbertssoen het half vrije erve en goed die Coldehoff in de buurschap Bodelar.
Oorspr. in inv. nr. 43. Het zegel van de rentmr. verdwenen.

3. 1459 april 14 (op sante Tyburtius en Valerianusdach).
Heer Henric van Essen, ridder en Evert van Wytman, rentmrs. van Salland oorkonden dat Aelt Jacobssoen en Trude e.l. t.o.v. de vrijlieden van het hof van Ommen Johan Leffertssoen van Berghenthem en Deric van Ane, transporteren aan Ernst Leffertssoen van Berghenthem het zesdedeel van het halve vrije erf en goed die Coldenhoff in de buurschap Bodeler.
Oorspr. in inv. nr.44. Met beschadigd zegel van van Essen. Dat van van Wytman verdwenen.

4. 1460 mei 17 (des Saterdaghes nae Ste. Pancraciusdach).
Henrick van Essen, ridder en Evert van Wytmen, rentmrs. in Salland oorkonden dat Ghese Jacop Lubbertzoens dochter, geassisteerd door Lubbert Egbertsoon haar man, t.o.v. de vrijlieden van het hof van Ommen Arent Drüghehoern en Willem Hesselszoen, transporteert aan Henrick Hemeking het twaalfde deel van het erf en goed die Coldehoff in de buurschap Bodeler, waarin Ghese geërfd was na de dood van haar vader.
Oorspr. in inv. nr.45. Met zegels van de rentmrs. Zie ook reg. nr.5; deze akten zijn op één charter gesteld.

5. 1461 maart 2
Henrick van Essen, ridder en Evert van Wytmen, rentmrs. van Salland oorkonden dat Henrick Hemeking t.o.v. de vrijlieden van het hof van Ommen Albert Haeberting en Johan ten Sande, transporteert aan Arent den Yegher het twaalfde deel van het erf en goed die Coldehoff in de buurschap Bodeler.
Oorspr. in inv.nr.45. Met zegels van de rentmrs. Zie ook reg. nr.4; deze akten zijn op één charter gesteld.

6. 1465 november 22 (op sancta Cecilyendach der hiliger joncferen).
Arnt Jagher transporteert aan Ernst Leffertssoen van Berghenthem het twaalfde deel van het erf en goed die Coldehoefff in de buurschap Bodeler, dat hij van Henric Hemekyng gekocht heeft.
Oorspr. in inv. nr46. Het Zegel van Jagher verdwenen.

7. 1500 juli 20 (des Maindages post divisionis apostolurum).
Robert van Ittersum richter, oorkondt dat Roloff van Steygeren, Roloff Claessen, Hermen Aemsing, Reyner Wolterssen, Johan Evert Vrylingessonne en Geert Hermenssen ter instantie van burgemeesters, schepenen en raad van Hardenberg t.o.v. Bruen Reynerssen en Wyllem Menssen, keurnoten, verklaren dat de Hardenberger en Bruchter marken altijd samen beheerd en gebruikt zijn door de burgers en buren.
Afschrift, (16e eeuws) in inv. nr. 21.

8. 1511 juli 4 (op sunte Martinsdach Translationis).
Heer Johan van Greethuysen, proost te Zwartewater en Arnoldus Johannis, pastoor te Hardenberge, monachus professus te Zwartewater, verklaren dat zij in de kerk te Hardenberge op suncte Steffens en suncte Anthonysaltaar een officium stichten waarvan de proost van Zwartewater, de pastoor, schepenen en raad en kerkmeesters van Hardenberg collatoren zullen zijn.
Oorspr. in inv. nr.11. De zegels van proost, pastoor en de stad Hardenberg verdwenen.

9.1518 februari 27 (Sabbato post Invocavit).
Schepenen en raad van Hardenberge transporteren aan Gysele Geertsdochter of Helkings een jaarrente groot vier mud pachtrogge, gaande uit de stadsmolen, af te lossen met 50 Rijnsgulden.
Oorspr. in inv. nr.57. Met beschadigd stadszegel. Gecancelleerd. Zie ook reg. nr.18, met welk charter dit een transfix vormt.

10. 1539 april 14 (op Mandach post Quasimodo).
Bruyn Blanckvord, richter te Hardenborch, verklaart dat hij in de tijd dat hij richter is geen personen van buiten de vrijheid van de stad berecht heeft.
Oorspr. op papier in inv.15. Met rest van het zegel van de richter. Afschrift in inv. nr.7, p.322, 323.

11. 1545 mei 11
Bruyn Blanckvort, schout te Hardenberg, oorkondt dat Wolter ten Bussche, Johan Loze en Johannes van Almeloe, zegslieden voor de stad hardenberg en Johan van den Kampe, Johann Bake en Thymen Henrickssen van Dalffzen namens Hermen Janssen van Bergenthem en Lutgert e.l., een schikking treffend over het zonder toestemming door Hermen buiten de stad over de beek gebouwde huis.
Oorspr. in inv. nr.38. Met losgegaan zegel van de schout; dat van Hermen Janssen verdwenen.

12. 1546 augustus 14 (up unser Leven Frouwen Avent Assumptionis).
Gordt Poeck (ook Pock), rentmr. en richter te Nyenhuis oorkondt dat Johan Jungerynck, Lambert van Ittersum, Johan Schouwe alias Buckes, Johan Dericksen Wyltschutt en Johan Gerliges alias de Rydder t.o.v. Lambert van Lynge en Gerardus Randen, keurnoten, ter instantie van burgemeesters van Hardenberg en hun voorspraak Johannes van Almelo een verklaring afleggen betreffende het gebruik van de mars bij Hardenberg door inwoners van de stad.
Oorspr. in inv. nr.17. Met licht beschadigd zegel van de richter.

13. 1546 september 30
Goeszen ter Avest, richter te Emninchem (?), oorkondt dat Henrick Dobberler en Claess Gossensszonne t.o.v. Volcker Schroer en Lambert Smyt, keurnoten, ter instantie van schepenen van Hardenborch verklaren dat in 't verleden ook de herders van Hardenborch, Hiemse en Calendorn de mars bij de stad tussen de Vecht en het Veerwater gebruikten en dat de vissers plachten te vissen in de Toge bij de Veerbrugge.
Oorspr. in inv. nr.17. Met beschadigd zegel van de richter.

14. 1546 oktober 26 (altera die Crispini).
Bruyn Blanckvordt, richter oorkondt dat Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenberg en Arendt Blanckvordt en Berndt Alertssen als mede erfgenamen van Hiemse en Calendorn t.o.v. Engelbert Henrickssen en Henrick Oding, keurnoten, een verklaring afleggen betreffende de visserij door Hardenbergers in de Vecht, het meer van ter Ulene en de Thoege.
Oorspr. op papier in inv. nr. 16. Het zegel verdwenen.
Gedrukt in "Nader adstructoir request voor burgemeesteren, schepenen en raaden der stad Hardenbergh, aan de E.M.H. Ridderschap en Steden, de Staaten van Overijssel, ter zaake van de jagt, overgegeven op het tweede reces van den ordinaris landdag gehouden binnen Zwolle in de maand October 1782" (Zwolle, 1782), inv. nr. 13, p. 29, 30.

15. 1548 april 29
Bruyn Blankvordt, richter, oorkondt dat Hermen Berntssen, Geerdt Henrickssen, Henrick Berntssen en Johan Henrickssen t.o.v. Geerdt Woestcamp en Hermen van Ane, keurnoten, ter instantie van markerichter, schepenen en erfgenamen van Hardenbercher en Baler marcke, verklaren welke beesten er op die marken geschut werden.
Oorspr. op papier in inv. nr. 22. Met beschadigd ouwelzegel van de richter.

16. 1549 maart 3
Bruyn Blanckvordt, richter, oorkondt dat Derck van Wylsems en Johanna e.l. t.o.v. Lubbert Blanckvordt en Gerryt Henrickssen, keurnoten, transporteren aan Johan van Uuterwyck het recht van narecoop (nakoop) van het hooiland of de maat genaamd Wylsemes maet, mits zij die zolang hij onverkocht is in huur mogen houden.
Oorspr. in inv. nr. 114. Met rest van het zegel van de richter.

17. 1550 november 3 (op Manendach na Omni Sanctorum).
Bruyn Blanckvordt, richter, oorkondt dat Rolof Aimsing, Geerdt Jenting, Henrick ten Nyenhuyss, Geerdt Hanning, Johan ter Bocket, Geerdt Oelreking en Lambert en Johan Watering, ingezetenen en geërden van Brucht t.o.v. Geerdt de Wyse en Geerdt Costerszonne, keurnoten, een verklaring afleggen betreffende het verloop van een grens.
Afschriften, (18e eeuws), in inv. nr. 7, p. 260, 261 en in inv. nr. 14, G.

18. 1552 november 12 (op dach Lebuini conffessoris wesende des anderen dages Martini episcopi).
Johan Rotgerstsszone, Wyllem Egbertssen, Geerdt Lambertssen en Engelbert Henrickssen als burgemeester, schepenen en raad van Hardenberg transporteren aan Andreas Roloffzonne en Roloff e.l. een jaarlijkse geldrente van 2 1/2 goudgulden in plaats van de vier mud rogge's jaars die Gysele Geerts dochter anders Helkinges ontving, overigens op dezelfde voorwaarden.
Oorspr. in inv. nr.57. Met rest van het stadszegel. Gecancelleerd. Zie ook reg. nr. 9, met welk charter dit een transfix vormt.

19. 1553 oktober 3
Burgemeesters, schepenen en raad van Deventer geven die van Hardenberg kwijting voor een jaarrente van vijf goudgulden die aan Deventer was bewezen ten behoeve van de St. Lebuinuskerk aldaar en die nu afgelost is met honderd goudgulden.
Oorspr. in inv. nr. 58. Het secreet stadszegel van Deventer verdwenen.

20. 1556 februari 24
Bruyn Blanckvordt, richter te Hardenborch en Lubbert Blanckvordt en Lubbert Smyth, keurnoten maken het vonnis bekend van Joanchim Asskens in de zaak tussen Reyner van Aesswijn, heer toe Brankel, eiser en Geerd de Wijse to Lozen met Johan zijn zoon, beklaagden, betreffende de eigendom van een stuk land in Gramsberger Wueste of Lozer Mercke en daaruit voorvloeiende kwesties zoals kappen van bomen en jagen op veldhoenders en hazen.
Gedrukt in "Request deductoir voor burgermeesteren, schepenen en raaden der stad Hardenberg aan de E.M.H. Ridderschap en Steden, tweede reces van den ordinaris landdag, gehouden binnen Campen in de maand October 1781" (Zwolle, 1782), inv. nr. 12, p.18-22.
N.B. Met vermelding dat het charter zelf, met zwart waszegel met een klimmende leeuw van Bruin Blanckvort berustte bij de boer Swijse te Loosen.

21. 1561 mei 26
Robert van der Beeck, rentmr.-generaal van Salland beleent ten verzoeke van burgemeesters van Hardenberch Willem Jansz in plaats van de overleden Hermen Jansz met het erve Coldehoff te Badeler, t.o.v. de vrijlieden van het hof van Ommen Egbert Hermensz en Herman Vedelinck.
Oorspr. in inv. nr. 42. Met beschadigd zegel van de rentmr.

22. 1562 april 17 (Coverden).
Lubbert Blanckefoert als volmacht van leenheer Harman van den Campe beleent in tegenwoordigheid van de mannen van leen Engelbertus van Ensse, drost te Coverden en Jan die Baecke, juffer Lutghert van den Gruithuys met de grove en smalle tienden over de erven en goederen Koeldoenhoff en Groetenhuys in de buurschap Hemse, zoals haar broer Gaerdt van den Gruithuys deze in leen bezeten heeft en waarvoor Wyllem van Iselstein, drost te Genemuyden, leenhlude doet.
Afschrift, 1588, in inv. nr. 115.

23. 1563 juni 27
Stadhouder, Ridderschap en Steden doen uitspraak in het geschil tussen de ingezetenen van Heemse en Calendoren en de burgers en ingezetenen van Hardenberch betreffende eigendom en gebruik van de marsch.
Oorspr. (?) in inv. nr. 18. Ongezegeld. Uit niets is op te maken of dit een afschrift is.

24. 1569 maart 25
Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenborch verklaren schuldig te zijn aan Henrick van Velthuysen 885 Jochemdalers wegens de aankoop van het dubbel gewaard erve en goed ten Grotenhuyss in de buurschap Baeler op 17 juli 1567.
Oorspr. in inv. nr. 59. Gecancelleerd. Het stadszegel verdwenen.

25. 1571 november 12
Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenberg transporteren aan Johann Stubbeman een jaarrente van 3 goudgulden over de stadsinkomsten.
Oorspr. in inv. nr 113. Gecancelleerd. Met beschadigd stadszegel.

26. 1572 juni 26
Burgemeesters schepenen en raad van Hardenborch oorkonden dat Wylhelm Hoterman en Griethe e.l. verklaren schuldig te zijn aan Johan Stubmans en Geesken e.l. 100 goudgulden tegen 51/2 % 's jaars met hun huis in de stad als onderpand.
Oorspr. in inv. nr. 64. Met beschadigd stadszegel.

27. 1572 november 23
Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenborch verklaren schuldig te zijn aan Dirck Mersing en Lubbe e.l. 100 goudgulden tegen 5% 's jaars onder verband van de stadseigendommen.
Oorspr. in inv. nr. 60. Gecancelleerd. Met het stadszegel.

28. 1580 mei 3
Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenborch verklaren schuldig te zijn aan Hermen Egbertssen enAleydt e.l. 100 daler tegen vier mud rogge's jaars, onder verband van de stadseigendommen.
Oorspr. in inv. nr. 61. Gecancelleerd. Met het stadszegel.

29. 1595 september 1
(Burgemeesters) en gemeensluiden van Othemerssen verlenen de schoenmakers aldaar het recht om buiten de marktdag als enigen schoenen te verkopen en te repareren binnen de stad.
Afschrift, (1778) in inv. nr. 112.

30. 1597 februari 21
Burgermeesters, schepenen en raad van Hardenborch transporteren aan Albert van Ittersum vann Nyenhuis, zijn vrouw en hun erfgenamen een jaarrente van 4 goudgulden en 1 oort over de stadsinkomsten, die Johann Stubbemann vroeger heeft bezeten, maar die wegens wanbetaling verhoogd is.
Oorspr. in inv. nr. 113. Gecancelleerd. Het stadszegel verdwenen.

31. 1597 juli 23
Albert van Ittersum drost van Ampt-Lingen transporteert aan Lubbert Ulgher en Judith e.l. een jaarrente van 4 goudgulden over de inkomsten van de stad Hardenberg.
Oorspr. in inv. nr. 113. Gecancelleerd. Met rest van het zegel van de drost.

32. 1598 januari 22
Burgemeesters, schepenen en raad van Hardenbergh transporteren aan Gerhardt van Warmelo, drost van Salland en Judith Rengers then Oldenhuis e.l. de windmolen met grond en de drift van de marke en visserij van de beek.
Oorspr. in inv. nr. 48. Het stadszegel verdwenen.
Gedrukt in "Nader adstructoir request voor burgermeesteren, schepenen en raaden der stad Hardenbergh, aan de E.M.H. Ridderschap en Steden, de Staaten van Overijssel, ter zaake van dejagt, overgegeven op het tweede reces van den ordinaris landdag, gehouden binnen Zwolle in de maand October 1782" (Zwolle, 1782), inv. nr. 13, p.27, 28.

33. 1598 juni 12
Arendt Krull, richter, oorkondt dat Henrick ter Hoffstede, Berendt Egberting te Anwelde en Derck Thias t.o.v. Hermen leffers en Joannes Andree Custodis, keurnoten, ter instantie van Henrick Tswerdes als volmacht van de burgers en ingezetenen van Hardenberg, verklaren dat zij niet weten dat Hardenberger koeien en paarden ooit op Baerle geschut zijn.
Afschrift (extract) waarschijnlijk gelijktijdig, in inv. nr. 24.

34. 1598 juni 12
De schultes (Arendt Krull) oorkondt dat Heyne ten Paeren ter instantie van Henrick Tswerdes verklaart, dat hij niet weet dat Hardenberger koeien en paarden ooit op Baerle geschut zijn.
Afschrift (extract), waarschijnlijk gelijktijdig, in inv. nr. 24.

35. 1598 juni 12
Burgemeesters van Hardenberg oorkonden dat Heyne ten Pateren ter instantie van Henrick Tswerdes verklaart dat hij niet weet dat Hardenberger koeien en paarden ooit op Baerle geschut zijn.
Afschrift (extract), waarschijnlijk gelijktijdig, in inv. nr. 24.

36. 1598 juni 17
Arendt Krull, richter, oorkondt dat Johan Bartelinck te Ane en Berent Egberting te Anwelde t.o.v. Albert ter Hoffstede en Joannes Andree Custodis, keurnoten, ter instantie van de burgemeesters van Hardenberg, verklaren dat zij niet weten dat Hardenberger koeien en paarden ooit op Baerle geschut zijn.
Afschrift (extract), waarschijnlijk gelijktijdig, in inv. nr. 24.

37. 1598 juni 19
Arendt Krull, richter te Hardenberg, wijst in tegenwoordigheid van de keurnoten Johan van Gronningen en Joannes Custodis vonnis in het geschil tussen Henrick Tswerdes als volmacht van de burgers en ingezetenen van Hardenberg enerzijds en de markerichter en erfgenamen van de marke Baerlo anderzijds betreffende het recht van het weiden van koeien op de marke.
Afschrift (extract), waarschijnlijk gelijktijdig, in inv. nr. 24.

Historische Vereniging Hardenberg en omgeving, Voorstraat 34, 7772 AD, Hardenberg
  tel.: 0523-265624    internet: www.historiekamer.nl     e-mail: info@historiekamer.nl
    openingstijden studiezaal: ma, di, do, vr. van 9.00 - 12.00 uur en op afspraak
terug | activiteiten | bronnen | links | stamboom | zoeken in... | nieuws | home | © Dinah