De gemeente Hardenberg zal binnen afzienbare tijd een aantal
monumenten rijker zijn. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan de gemeentelijke
monumentenlijst voor het grondgebied van de voormalige gemeente Hardenberg.
Hierop staat ook het pand dat bij velen bekend is als 'Villa Eikenoord', aan
de Dedemsvaartseweg-Noord 46 in Lutten. De villa is architectuur-historisch
waardevol als een gaaf bewaard voorbeeld van een midden-negentiende eeuws monumentaal
pand met een symmetrische en heldere opbouw in plattegrond en gevel, en bescheiden
decoratieschema. Het pand heeft cultuurhistorische en landschappelijke waarde
vanwege de oorspronkelijke functie en situering aan de voormalige Dedemsvaart.
Ansichtkaart, anno 1905
De stichting van Eikenoord
Aanvankelijk werd bij de inventarisatie van de panden - die in aanmerking komen
als gemeentelijk monument - deze vervenerswoning gedateerd aan het begin van
de twintigste eeuw, zo rond 1910.
Uit archiefonderzoek bleek echter dat de woning bijna een halve eeuw ouder is.
Reeds in 1869 werd de woning gebouwd - ter vervanging van een andere op dezelfde
plek - door de eigenaar Carel Piek.
Deze vervenersbaas had vele bezittingen in de gemeente Ambt Hardenberg. Even
voor de herbouw van het pand kreeg Carel door boedelscheiding de bezittingen
van zijn vader in onze gemeente 'op naam'.
Carels beroep was volgens het kadaster 'oeconoom' (handelswetenschapper).
Carel Piek was op 5 september 1834 geboren in het Zuid-Hollandse Oudshoorn,
als zoon van Stephanus Piek en Gesiena Wesseling. In 1869 was hij te Noordwijk
gehuwd met Johanna Cecilia Annette Jongkindt Coninck en na haar overlijden hertrouwde
hij in 1889 te Rotterdam met Johanna Charlotte Wilhelmina Pluygers. Op 3 oktober
1891 werd te villa Eikenoord hun enige dochter, Aleida Margaretha geboren.
Het echtpaar Piek met dochter Aleida Margaretha, circa 1903
Na zijn lidmaatschap van de gemeenteraad van Ambt Hardenberg, was Carel Piek
van 1884 tot 1901 lid van de provinciale staten van Overijssel; zelfs bracht
hij het tot de eerste uit de gemeente Ambt Hardenberg afkomstige gedeputeerde.
Hij overleed op 28 augustus 1910 in 's-Gravenhage.
op 18 juli 1883 nam Carel Piek zijn benoeming tot lid
van de gemeenteraad van Ambt Hardenberg aan
Het gezin Piek bewoonde de villa, destijds bekend als huisnummer
P-44 (later P-29) tot 28 april 1904, toen ze vertrok naar
's-Gravenhage. Hierna verhuurden zij hun villa aan de heer Jan Prins van Wijngaarden,
directeur van een der grootste baggermaatschappijen van ons land. Deze was afkomstig
uit Sliedrecht en had een groot karwei onder handen, namelijk de kanalisatie
van de Vecht. In die dagen was hij de eerste in onze streek die een echte auto
bezat. Hij liet zijn 'Renault' uit 1913 besturen door Derk Jan van Faassen.
Zo reden ze langs de waterwegen om de werkzaamheden gade te slaan. Later werd
een 'Berliet' de auto waarin vele kilometers werden afgelegd. Op 2 november
1915 verhuisde het gezin Prins van Wijngaarden naar de gemeente Hattem.
Het echtpaar Prins van Wijngaarden, van 1904 tot 1915
bewoners van Villa Eikenoord
Derk Jan van Faassen werkte eerst als chauffeur voor Prins van Wijngaarden,
later als tuinier van de bewoners van Villa Eikenoord
de Renault (16 p.k.) uit 1913
de Berliet (10 p.k.), anno 1914
In datzelfde jaar 1915 verkocht de familie Piek 'Villa Eikenoord', ofwel huisnr.
P-39, aan de heer Johan Gerhard Meijer uit Apeldoorn. Samen met zijn vrouw Riemke
Rozema bewoonde hij het pand tot 23 april 1917, de dag waarop zij verhuisden
naar Dantumawoude. Ze hadden hun villa verkocht aan Aris Pieter Willem Kraan,
gemeentesecretaris te Hoogkerk, welke de woning een jaar daarna reeds van de
hand deed.
De nieuwe eigenaar is dan de - in onze streken - zeer bekende persoon van Eppo
Mulder, directeur van de aardappelmeelfabriek 'De Baanbreker' in Lutten. Na
het vertrek van Meijer werd de woning van 2 november 1917 tot 22 april 1920
bewoond door het echtpaar Gerrit Zandbergen en Gezina Altena uit Avereest. Gerrit
was werkzaam als arbeider bij 'De Baanbreker'.
Eikenoord wordt dokterswoning
Uit het archief van de gemeente Ambt Hardenberg blijkt vervolgens dat in augustus
1921 het verkoopcontract werd getekend, waarbij 'Eikenoord' door Eppo Mulder
verkocht werd aan de gemeente Ambt Hardenberg (burgemeester Hermann Heinrich
Weitkamp en gemeentesecretaris Bauke Alberts Schuite), ter uitvoering van een
raadsbesluit van 12 april 1921. De prijs bedroeg f. 7500,- De woning werd verhuurd
aan de geneesheren die in dienst waren van de gemeente.
De eerste dokter die Eikenoord bewoonde was Daniël Jacobus Griffijn, geboren
op 9 oktober 1871 in Rotterdam als zoon van landmeter Evert Jan Grijffijn en
echtgenote Jacoba van Uye. Sinds 1901 was Griffijn werkzaam in de gemeente Ambt
Hardenberg. Bij raadsbesluit van 8 december 1922 werd Eikenoord aan hem verhuurd,
voor een huursom van f. 816,- per jaar. Hij huurde zeven jaren en verliet de
gemeente op 21 mei 1930, om zich als gepensioneerde te vestigen in de gemeente
Zeist. Dokter Griffijn overleed, ongehuwd, op 12 mei 1940 aan de Platolaan 12.
ansichtkaart vóór 1930; voor de woning waarschijnlijk dokter
Griffijn
Kort voor het vertrek van Griffijn was de nieuwe dokter, Hendrik Adriaan Cysouw
reeds uit Maastricht naar Lutten gekomen. De dokter was geboren te Nieuwvliet.
Samen met zijn vrouw Catharina Maria Risseeuw bewoonde hij de gemeentewoning.
Het werkzaam leven van de jonge dokter was van korte duur. Hij overleed als
gevolg van een ernstig auto-ongeluk waarbij hij verdronk in de Krimvaart. In
het Salland's Volksblad werd verslag gedaan:
'Lutten. Een ontzettend ongeluk heeft op den
avond voor Kerstmis plaats gehad. Terwijl de menschen innerlijk verheugd
zich voorbereidden voor de viering van het Kerstfeest, ging in den vooravond
de droevige mare door ons dorp en zijn omgeving, dat de geneesheer dr. Hendrik
Adriaan Cysouw was verdronken, doordat hij met zijn auto tengevolge van
de gladheid in de diepe en steile Krimvaart was gereden. De verslagenheid
die zich van zijn plaatsgenooten en patiënten meester maakte, laat zich
niet beschrijven. Velen, die nog nimmer met hem in aanraking waren gekomen,
die hem slechts aleen van aanzicht kenden, waren evenzeer ontroerd als de
patiënten die door den uiterst bekwamen jongen arts werden behandeld. Want
in enkele maanden dat dr. Cysouw hier werkzaam was als opvolger van dr.
Griffijn, die de praktijk had neergelegd, had hij zich den naam van een
zeer bekwaam medicus verworven, terwijl hij als persoon algemeen
bemind werd.
rouwadvertentie in
't Salland's Volksblad
Nog slechts ruim een half jaar geleden gepromoveerd - nog slechts
een half jaar geleden gehuwd met mej. Riseeuw, ver van zijn woonplaats, van
zijn ouders en zuster om het leven gekomen bij de uitoefening van zijn arbeid
die de liefde van zijn hart had - het is wel zeer droevig. Toen het ongeluk
bekend werd, snelde men van alle kanten toe om hulp te verleenen, maar het baatte
niet meer - de artsen van Dedemsvaart, Ruys en Arps, dr. Jagher van De Krim
en dr. Griffijn van Zeist, tijdelijk te Hardenberg, konden geen hoop meer geven.
Later vernamen we nog, data de heer Cysouw een zijweg heeft willen inslaan,
waarschijnlijk de bocht te groot heeft genomen, waardoor de auto over de gladde
tramrails is gegleden en in de Krimvaart terecht kwam, waarbij hij over den
kop sloeg. De uit den polder komende tram stopte ter plaatse van het ongeluk
en van personeelszijde trachtte men den inzittende van de auto te redden, wat
niet gelukte. Daarop reed de tram naar Slagharen, om de aandacht te trekken
oorverdoovend fluitend. Met een bokschuit als hulpmiddel gelukte het den dokter
uit de auto te bevrijden. Hij had een groote hoofdwonde en andere fracturen.
De overledene was 28 jaar oud en is maandag begraven te Zuidzande in Zeeland.
De practijk wordt voorloopig waargenomen door een neef van wijlen dr. Cysouw.
Moge de Heere de bedroefde familie troosten'.
Op navraag bij de gemeente Oostburg bleek dat het graf van dokter
Cysouw reeds jaren geleden was geruimd.
Dokter Gouwe
Op 24 april 1931 verliet weduwe Cysouw-Risseeuw de dokterswoning. Ze vestigde
zich in Groede (Zeeland). In het persoonsdossierarchief van de gemeente Hardenberg
is het dossier bewaard gebleven van de nieuwe dokter, Willem Frederik Karel
Gouwe. Op 4 maart 1931 schrijft hij vanuit Zandvoort:
'Edelachtbare Heeren. Hierbij deel ik U beleefd mede dat ik
met mevrouw weduwe Cysouw tot overeenstemming ben gekomen betreffende het overnemen
van de geneeskundige praktijk enz. te Lutten. Ik verzoek U daarom in de plaats
van wijlen dr. Cysouw benoemd te worden tot gemeentegeneesheer voor het noordelijk
gedeelte van de gemeente Ambt Hardenberg, op dezelfde voorwaarden, terwijl ik
tevens verzoek de ambtswoning 'Eikenoord' te Lutten, tegen dezelfde huur van
de gemeente te mogen huren. Ik hoop op 26 maart definitief te Lutten te komen.'
Bij raadsbesluit van 17 april 1931 werd dokter Gouwe benoemd tot
gemeentegeneesheer.
Willem Frederik Karel Gouwe
tekst op receptenbriefje van dokter Gouwe
Willem Frederik Karel (Frits) Gouwe werd op 8 augustus 1898 geboren
in Middelburg als oudste van drie kinderen. Na hem volgden nog een zoon en een
dochter. Zijn vader, niet sterk, was administrateur van het militair hospitaal.
Hij stierf op de eerste verjaardag van zijn dochter in 1906, slechts 34 jaar
oud. Frits was toen 7 jaar. De familie woonde inmiddels in Utrecht, waar hij
de lagere school volgde. Zoals dat in die tijd ging, werden beide broers na
de lagere school voor een goede opvoeding uit huis geplaatst in gezinnen, waar
ook een 'vader' was. Dit werd Alkmaar. Hier werd de middelbare school doorlopen
en met grote belangstelling en liefde voor de natuur trok hij er ieder vrij
moment op uit. Hierdoor leerde hij iedere plant, bloem, boom en vogel kennen.
In Utrecht studeerde hij medicijnen en studeerde af in Groningen op 15 juni
1922. Hij trouwde op 22 juli van datzelfde jaar met Johanna Vermeulen en begon
te praktiseren in Woerden, waar zoon Hans Erik in 1923 het levenslicht zag.
Dochter Elze Frieda kwam in 1925 in Ruinen ter wereld, gevolgd door Agnes in
1926 te Veere. Dit dynamische, avontuurlijke gezin scheepte zich op 4 januari
1927 in om naar Nederlands Indië te gaan, waar vader Frits vier jaren werkte
als gouvernementsarts. Eenmaal terug in Nederland, streek de familie in april
1931 neer in Lutten aan de Dedemsvaart, in huize 'Eikenoord'.
In 1936 vroeg dokter Gouwe aan het gemeentebestuur om verbeteringen aan zijn
woning aan te brengen. Deze ging hier echter niet op in, zodat Gouwe uiteindelijk
besloot om een bod te doen op het perceel van f. 5.500,- vrij op naam, 'wat
zeker aanzienlijk boven de waarde bij publieke verkoop is, gezien de verwaarloosde
toestand waarin het verkeert'.
Overwegende dat de bewuste woning zeer oud is en in een zeer slechte toestand
en dat de kosten van de meest noodzakelijke verbeteringen worden geraamd op
1500 tot 2000 gulden, werd het verzoek van dokter Gouwe door de gemeenteraad
gehonoreerd. Villa Eikenoord, dan bekend als huisnr. P-35, kadastraal bekend
als sectie L nr. 4003, ging voor f. 5.000,- over in handen van dokter Gouwe,
ingaand 1 november 1936.
Eikenoord, anno 1931
Dokter Gouwe hechtte zich, met veel ervaring, een brede belangstelling en serieuze
liefde voor zijn vak, aan de Luttense gemeenschap, waar hij tot zijn dood zou
blijven. Zijn taak was zeer veelzijdig. Hij was niet alleen dokter, maar hij
trok ook kiezen en deed zelfs wel eens een kleine operatie. Verder was hij vertrouwensman
op maatschappelijk gebied. In Lutten kwamen er nog twee dochters bij; in 1932
Ingeborg Maria en twee jaar later Judith Marlene.
tijdens de mobilisatie in 1939 was dr. Gouwe officier van gezondheid, hier
geportretteerd voor 'Eikenoord' met zijn gezin,
vlnr: Agnes, Inge, mevr. Gouwe, Hans met Judith voor zich en Fried, met de twee
chow-chows Bonzo en Carlo
Met
zijn grote belangstelling voor alles wat de natuur biedt, ging Gouwe zich verdiepen
in kruiden en mineralen ten behoeve van de gezonde mens, en in het kweken van
gezond voedsel. Hij wist Osiris-graan te bemachtigen en een landbouwer bereid
om dit gewas te verbouwen. Vervolgens bakte Klaas Nijhuis het tot brood. Gouwe
werd een waar tegenstander van kunstmest, omdat het de bodem zou gaan verontreinigen
en verarmen. Zijn stelling luide, 'zoals de bodem is, zal het volk zijn'.
Ook archeologisch en historisch was Frits Gouwe actief. Samen met Klaas Jongsma,
Roelof Bakker en dichter Hendrik van Laar richtte hij de Oudheidkamer Hardenberg
op. Samen met Van Laar nam hij deel aan een dialectwerkgroep. Na zijn patiëntenbezoek
wandelde hij dagelijks voor zijn eigen welzijn, zeker een uur door de omgeving,
waarbij dan vaak iets gevonden werd of ontdekt, zoals vuurstenen bijlen in de
Pieperij of botten van de oer-os bij de oorsprong van de Reest en stenen werktuigen
op de linker Vechtoever ten zuiden van de Rheezerbelten.
Dokter Gouwe was uiterst kundig en hij werd geroemd om zijn zeer goed diagnostisch
inzicht; zeker bij de specialisten van de ziekenhuizen. Hij bleef eenvoudig,
eiste weinig voor zichzelf, leefde uiterst sober en bleef studeren tot hij zijn
ogen sloot. Jammer was het, dat hij een moeilijk karakter had, wat met de jaren
verergerde. In de Tweede Wereldoorlog (hij diende ook al in de Eerste Wereldoorlog)
kwam er veel TBC voor in zijn grote praktijk, die niet alleen Lutten behelsde,
maar ook Drogteropslagen, Linde, Slagharen, Schuinesloot, Keiendorp, Oud-Lutten,
Rheeze en Rheezerveen, Sluis 6 en Sluis 7 en niet te vergeten de vele binnenvaartschippers
uit het gehele land die voor hem als dokter aanmeerden.
Een verdrietig aantal van hen stierf, waar hij zelf erg onder leed. Talloze
kuurtenten of -huisjes kon je zien naast huizen en boerderijen waarin de zieken
in de buitenlucht lagen. In die tijd waren rust en goed eten hèt medicijn. De
Duitsers waren bang voor besmetting. Deze nare, zorgwekkende situatie greep
dokter Gouwe aan door de mannen die naar Duitsland zouden worden gestuurd, een
TBC-verklaring te geven. Zo voorkwam hij dat er uit zijn praktijk - voor zover
bekend - niemand naar Duitsland ging. De oorlog bracht hem zelf een enorme slag,
toen zijn enige zoon Hans Erik Gouwe in september 1944 werd gefusilleerd, terwijl
hij zelf - na Amersfoort, St. Michielsgestel en Mühlhausen gevangen werd gezet
in het Duitse kamp Neu Brandenburg.
laatste familiefoto van het gezin Gouwe in Lutten, circa vijf weken voor
de dood van zoon Hans;
vlnr: Inge, dr. Gouwe, Fried, Agnes, Hans, mevr. Gouwe en Judith.
Zelf overleefde hij de oorlog, maar het huwelijk liep fout. Uit zijn tweede
huwelijk met Hendrika ten Have werden nog drie kinderen geboren: Asta Marita
Dorothea, Willem Frederik George Lodewijn en Willem Frederik. Het werd een zelfgekozen,
doch niet gemakkelijke periode in zijn boeiend leven. Op 25 september 1962 stierf
hij na een hersenbloeding in het Röpcke-Zweers ziekenhuis in Hardenberg.
aquarel van Villa Eikenoord, geschilderd voor zijn moeder,
door Hans Erik Gouwe (16 jaar)
Dokter Gouwe werd begraven op het kerkhof in Lutten. Eind twintigste
eeuw is een expositieruimte in de Oudheidkamer omgedoopt tot: 'Dokter Gouwezaal'…
De laatste decennia
In de tachtiger jaren van de twintigste eeuw was 'Villa Eikenoord' het onderkomen
voor een afkickcentrum voor drugsverslaafden. De stichting 'Srefidensie' huurde
het pand via een makelaar te Amsterdam. De eigenaar was niet bekend. Er werden
maximaal 15 patiënten gehuisvest, in de leeftijd van 17 tot 30 jaar. De stichting
paste de 'cold turkey'-methode toe, wat betekent dat de drugsverslaafden behandeld
werden zonder vervangende middelen als methadon. Wegens overlast in de buurt
werden de werkzaamheden van de stichting al snel beëindigd. Verder heeft de
villa onderdak geboden aan een kunstschilder die korte tijd later met de noorderzon
vertrok, aan een slager en een kurkhandel. De laatste tijd is Eikenoord eigendom
van S. en R. Beheer.