Doodgravers op Nijenstede
  • Jan Herm van Loo, overleden in 1848
  • Johannes van Loo, wonend op 't Hoofd (Sallandschestraat) rond 1861
  • J. Niezink
  • H.J. Dorman vanaf 1888
  • A. Dorman

De doodgravers werden vanouds benoemd door het kerkbestuur.
Tot hun taak behoorde o.a. het goed onderhouden van het kerkhof, namelijk paden, heggen enz. schoon en in orde te houden.
Ze moesten van onbesproken gedrag zijn en een eerbiedige bediening tijdens begrafenissen werd zeer aanbevolen.

Na verschillende klachten bracht de burgemeester een bezoek aan het kerkhof, waarop hij vervolgens de volgende opmerkelijke brief aan de president-kerkvoogd van de hervormde gemeente (de eigenaar van het kerkhof) schreef:
Meermalen is het mij gebleken dat de door u Weleerwaarde aangestelde doodgraver met opzet zijn plicht verzuimd, herhaalde malen toch maakte ik hem opmerkzaam, dat de lijken te ondiep begraven werden en er in de meeste gevallen in plaats van een meter zand boven de kisten slechts eene hoogte te bespeuren was van 7 à 8 decimeter. Onlangs bij het opgraven van een kinderlijkje ontdekten wij hoe onzedelijk zijn handelingen zijn; wij ontwaarden dat boven op het kistje gelegd waren onderscheidene beenderen, alsmede 2 doodshoofden in wier kaken de kiezen nog vastzaten, dusdanige gruwelen strijden tegen de zeden. Het is daarom dat ik u dringend en ernstig in overweging geef, deze persoon onmiddellijk te ontslaan en een ander aan te stellen waarvan men verwachten kan, deze beter zal handelen. Ook heeft het mijne aandacht getrokken er in den laatsten tijd vele lieden begraven worden die niet in het bezit van graven zijn; doch telkens bij andere eigenaren graven worden gekocht, die nog niet volgens de wet mogen worden ontruimd, ten blijke van een verkochte begraafplaats van R. Vasse, alwaar men de hier voren genoemde hoofden en beenderen te voorschijn haalde. Ik heb gemeend u met dit een en ander in kennis te moeten stellen en geef u den raad te bevorderen dat door uwe tussenkomst in het vervolg niet meer lijken worden begraven op uw kerkhof, dan die welke rechtelijk in 't bezit zijn van graven, ten einde te voorkomen dat ik genoodzaakt worde, de Hervormde begraafplaats voor geruimen tijd te sluiten. Op de gemeentebegraafplaats is genoeg ruimte (bron: Uitgaande brieven burgemeester Stad Hardenberg, d.d. 30-5-1891).
(Dit speelde zich af in de tijd dat de gemeente een eigen begraafplaats aan de Stationsstraat had, hier is echter nooit iemand begraven. Later werd op deze begraafplaats de O.L.S. gebouwd.)

Krant 21-03-1952
  Lijkwagenvereniging 1918 en 1952
© Dinah Hesselink-Zweers