Grote veranderingen vonden plaats in de negentiende eeuw toen het begraven
in de kerk verboden werd. Na de inleiding werd het publiek door Vlaanderen getrakteerd
op een prachtige diapresentatie van allerlei verschillende begraafplaatsen,
grafstenen en -zerken in heel Nederland en enkele prachtige voorbeelden in het
buitenland. Dit alles zowel boven- als ondergronds. Ondertussen werd het publiek
bijgepraat over allerlei gebruiken, ontwikkelingen en symbolen in het begrafeniswezen
waarin meestal het standsverschil tussen de mensen tot uiting kwam. Sommige
rijke, adellijke lieden werden zelfs in vol ornaat of juist heel devoot met
de duivel onder aan hun voeten op hun graf afgebeeld.
Veel gebruikte symbolen zijn: de engel met de hoorn, een Mariabeeld, de slang,
de seis, de fakkel, de vlinder, de zandloper, de uil, de papaver, de treurwilg
en natuurlijk de doodskop. Ook allerlei verschillende grafteksten passeerden
de revue: van ernstig tot humoristisch. Net als de rouwgebruiken, van 'huilebalk'
tot beschonken aanzeggers. De vroegere angst voor schijndood leidde soms tot
lachwekkende begraafpraktijken. Daarnaast was er speciale aandacht voor de katholieke
begraafplaatsen.<p>
Na een korte pauze ging spreker verder met de presentatie waarin hij speciale aandacht schonk aan de Joodse begraafplaatsen en de oorlogsgraven. Hierbij passeerden tevens de kleinste begraafplaats van Nederland: de Joodse begraafplaats bij Den Nul, waar 1 jood begraven ligt en de hele grote oorlogsbegraafplaats bij IJsselstein in Limburg, waar 32000 Duitse soldaten begraven liggen de revue. Ook schonk Vlaanderen de nodige aandacht aan het verval van en de vernielingen op oude begraafplaatsen. Hierbij noemde hij ook het vervangen van oude stenen door nieuwe gepolijste zerken (zogenaamde 'golfjes' of 'glijbanen') cultuurhistorisch onverantwoord. Ten slotte werd aandacht geschonken aan de huidige vrije, vaak persoonlijke eigentijdse graven waarbij niet snel iets als niet kunnend wordt beschouwd. Na de diapresentatie showde Vlaanderen het publiek enkele begrafenisattributen zoals een doodshemd, een steek, verschillende mantels en natuurlijk de hoge hoed. Na de beantwoording van enkele vragen werd de bijeenkomst afgesloten, waarbij er door het bestuur van vereniging nog speciale aandacht voor de oude begraafplaats van Hardenberg werd gevraagd (kerkhof Nijenstede). Hiervoor zijn dringend vrijwilligers nodig voor het onderhoud. Alle hulp is welkom! Volgend jaar zal er een presentatie worden gehouden over expliciet deze begraafplaats.